Ga je mee naar het boekenbal?
Elk jaar in maart vraagt mijn moeder wat voor jurk ik aan had naar het Boekenbal. Ik heb tenslotte drie hele boeken op mijn naam staan, duizenden exemplaren verkocht. Duizenden! Leg dan maar eens uit dat je nog nooit een uitnodiging hebt gekregen.
‘Mam,’ antwoord ik steevast. ‘Ik ken iemand die meer dan 10 thrillers op haar naam heeft staan, minstens 500.000 exemplaren verkocht heeft, en die is daar ook nog nooit geweest!’
Boeken met diamanten in de rug
Het Boekenbal. Het enige glamourfeestje van de boekenwereld. Daar wil je als schrijver naartoe. Toch? Een zaal vol collega’s. Literaire collega’s. Vast een klont zwaarmoedige denkers. Die wat sip met een glas wijn in de hand staan en over de Grote Zaken van het leven praten. Aan de rand van de dansvloer. Niet op. Elk gesprek duurt lang, heel lang, omdat de schrijvers goed nadenken voordat ze antwoord geven op elkaars indringende vragen. Zou op zo’n literair feest wel gedanst worden? En zo geanimeerd gepraat dat de champagne over de rand van het glas klotst, hup, zo op de glimmende jurk van de buurvrouw?
De uitgevers van die schrijvers – hopelijk allemaal in glimmend pak of in een flitsende jurk –, kunnen die wel een beetje feesten? En de redacteuren, de drukkers en de boekhandelaren? Of staan die ook allemaal langs de kant, serieus knikkend, luisterend naar de weloverwogen woorden van de literaire schrijvers? Is het Boekenbal eigenlijk wel een feest? Ik bedoel, wanneer heb je voor het laatst een beetje glamourous boekomslag gezien? Met diamanten in de rug bijvoorbeeld?
De dochter van…
Ik kijk naar een stukje over het bal op tv. De voorzitter van de Tweede Kamer heeft een boek geschreven over democratie. Ze loopt stralend over de rode loper. Met een afwasbare tattoo. De dochter van Harry Mulisch is er ook. En acteur Erik van Muiswinkel. Schrijft blijkbaar ook. Joop Daalmeijer en Maartje van Weegen. De dochter van een acteur uit een kinderserie. Nog een acteur. Een journalist. Judith Osborn. Tooske Ragas. Wat is het toch fijn dat zoveel Bekende Nederlanders zich voor ons vak inzetten. Of eigenlijk: voor de glamour in ons vak, want ineens begrijp ik het nut van al die niet-schrijvende feestgangers. Daar komt uitgever Mai Spijkers aanzoeven in een verlengde witte limousine. Ik zucht van opluchting, meer glamour in het boekenvak zelf! Ja!
‘Dat zwarte jurkje met die veren langs de kraag stond je anders beeldig,’ moppert mijn moeder. ‘Pas je het nog?’
Ik droeg het op de presentatie van mijn eerste boek, in november 2008. Thuis, in de woonkamer, waar ik een glamourfeest had georganiseerd omdat de uitgever een boekpresentatie zonde van het geld vond. Mijn moeder schudt haar hoofd nadenkend. Ik moet echt iets beter mijn best doen. Volgend jaar vraagt ze het weer.












